State of the World 2011: Dutch Press Release

 

PERSBERICHT ONDER EMBARGO
Woensdag, 12 januari 2011

 

Perscontacten - Interviews & recensie-exemplaren:Amanda Stone (+1) 202-452-1999 x514 astone@worldwatch.org/

Voor recensie-exemplaren buiten de VS, Canada en India:gudrun.freese@earthscan.co.uk(+44) 207 841 1930


Worldwatch Institute’s State of the World 2011 Toont Aan Dat  Agrarische Innovatie Nu De Sleutel Is Tot Het Terugdringen Van Armoede, Stabiliseren Van Klimaat

Rapport geeft een stappenplan  voor voedselzekerheid en agrarische investering, belicht 15 high en low tech oplossingen die bijdragen tot het terugdringen van honger en armoede in Afrika

 

New York, 12 januari 2011—Worldwatch Institute heeftvandaaghaar rapport State of the World 2011: Innovations that Nourish the Planet uitgebracht. Het belicht succesvolle agrarische  innovaties en brengt substantiële successen in preventie van voedselverspilling, opbouwen van doorgroeimogelijkheden voor klimaatverandering en het versterken van landbouw in steden aan het licht. Het rapport geeft een stappenplan voor toename in agrarische investeringen en efficiëntere manieren om globale honger en armoede te verlichten. Ontleend aan wereldberoemde agrarische experts en honderden innovaties die al operationeel zijn, schetst het rapport 15 bewezen milieuvriendelijke en duurzame voorschriften.

“De voortgang aangetoond in dit rapport informeert overheden, beleidsmakers, NGOs, en donoren die streven naar het inbeperken van honger en armoede. Het biedt een duidelijke  stappenplan voor het elders uitbreiden en dupliceren van deze successen,” verklaarde Worldwatch Institute President Christopher Flavin. “Wij moeten deze wereld’s beïnvloeders van agrarische ontwikkeling verplichten tot langdurige ondersteuning van boeren die 80 percent van de Afrikaanse bevolking uitmaken.”

State of the World 2011verschijnt op een moment dat vele globale honger en voedselzekerheid initiatieven—zoals President Obama’s “Feed the Future” programma, the Global Agriculture and Food Security Program (GAFSP), the United Nations World Food Programme (WFP), en de  Comprehensive Africa Agriculture Development Programme (CAADP) – behoefte aan leiding hebben, aangezien zij expansie van agrarische investeringen hebben toegezegd. 

Bijna 50 jaar na de Groene Revolutie, lijdt een groot deel van de menselijke familie nog steeds chronische honger. Tegelijkertijd zijn investeringen van overheden, internationale geldgevers, en stichtingen op een historisch dieptepunt. Sinds 1980 is het agrarische deel van de globale ontwikkeling gedaald van meer dan 16 procent tot een huidige 4 percent.

Volgens de statistieken van de Verenigde Naties, de Wereldbank, het Internationaal Monetair Fonds en de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling, stelden regeringen, stichtingen en individuen gedurende 2010 minder dan 4 miljard dollar ter beschikking voor agrarische projecten  in Afrika.  Hoewel toezeggingen voor agrarische ontwikkeling naar verwachting zullen toenemen gedurende 2011, moet veel van het geld nog steeds ingezameld worden en de arme Afrikaanse boeren bereiken.

“De internationale gemeenschap heeft verschillende segmenten van het voedselsysteem verwaarloosd in haar pogingen om honger en armoede te bestrijden,” verklaarde Danielle Nierenberg, mededirecteur van het Worldwatch “Nourishing the Planet” project. “De oplossingen betreffen niet noodzakelijkerwijs het produceren van meer voedsel, maar ook veranderingen in wat kinderen op school eten, hoe voedsel wordt geproduceerd vermarkt en in welke soorten levensmiddelenbedrijven wij investeren.”

Locaal verbouwde gewassen voor consumptie voor schoolkinderen bij voorbeeld, is een bewezen effectieve strategie voor het terugdringen van honger en armoede in vele Afrikaanse landen, en heeft sterke overeenkomst met de succesvolle “van boerderij-naar-kantine” programma’s in de Verenigde Staten en Europa.

Verder wordt volgens Brian Halweil, de “Nourishing the Planet” mede-directeur, “ongeveer 40 percent van al het voedsel wat vandaag wereldwijd wordt geproduceerd verspild voordat het wordt geconsumeerd. Dit creëert geweldige mogelijkheden voor boeren en huishoudingen om zowel geld als middelen te besparen door het verminderen van deze verspilling.”

State of the World 2011put uit honderden case studies en persoonlijke  voorbeelden om oplossingen te bieden voor het terugdringen van honger en armoede. Deze behelzen: 

  • In 2007, meer dan 6000 vrouwen in Gambia stichtten de TRY Women’s Oyster Harvesting producer association. Zij creëerden een duurzaam co-management plan voor de plaatselijke oestervisserij om overbevissing en exploitatie te voorkomen. Oesters en vis zijn een belangrijke en goedkope proteïne bron voor de bevolking. Maar de huidige productieniveaus hebben geleid tot milieudegradatie en veranderingen in het benutten van land gedurende de laatste 30 jaar. De overheid werkt samen met groepen zoals TRY voor het  promoten van minder destructieve methodes en om kredietfaciliteiten voor producenten met lage inkomens te verbreden om zo meer duurzame productie te stimuleren.  
  • In Kibera, Nairobi, de grootste sloppenwijken in Kenya, leggen meer dan 1000 boerinnen “verticale” tuinen aan in zakken geprikt met gaten en gevuld met vuil. Zij voeden zo hun families en gemeenschappen. Deze zakken zouden ook duizenden stadsbewoners kunnen voeden, en kunnen tegelijkertijd ook bijdragen aan een duurzame en gemakkelijk te onderhouden inkomstenbron voor stedelijke boeren. Met de voorspelling dat in 2050 meer dan 60 percent van de Afrikaanse bevolking  in steden zal leven, kunnen deze methodes cruciaal zijn voor het creëren van toekomstige voedselzekerheid. Op dit moment leeft ongeveer 33 percent van de Afrikaanse bevolking in steden, en jaarlijks migreert ongeveer 14 miljoen naar stedelijke omgevingen. Wereldwijd produceren ongeveer 800 million mensen die actief zijn in stedelijke landbouw 15–20 procent van de totale voedselvoorraad.
  • Nomaden in Zuid Afria en Kenya beschermen inheemse veesoorten die zich aangepast hebben aan de locale hitte en droogte – eigenschappen die cruciaal zullen worden naar gelang de klimaatveranderingen in dit continent zullen verergeren. Afrika heeft het  grootste areaal aan permanente weilanden en het grootste aantal nomaden. 15–25 miljoen mensen zijn afhankelijk van vee.
  • De Food, Agriculture and Natural Resources Policy Analysis Network (FANRPAN) maakt gebruik van een  interactieve gemeenschaps voorstellingen om boerinnen, gemeenschapsleiders, en beleidsmakers te inspireren tot een open dialoog betreffende gelijkwaardige behandeling van mannen en vrouwen, voedselzekerheid, eigendomsstelsel, en toegang tot hulpbronnen.  Vrouwen in sub-Sahara Afrika maken voor minstens 75 procent deel uit van de agrarische vevolking en leveren 60–80 procent van de arbeid voor voedselproductie voor  huishoudelijke consumptie en verkoop. Het is derhalve cruciaal dat zij de mogelijkheden hebben om hun behoeften te verwoorden richting locale overheid en besluitnemers. Dit vriendelijke amusementsforum maakt het makkelijker voor hen om vrij te communiceren. 
  • Uganda’s Developing Innovations in School Cultivation (DISC) programma integreert  inheemse groentetuinen, voedingsleer en voedselbereiding in het curriculum van scholen. Het leert kinderen hoe zij locale varianten van gewassen kunnen kweken. Dit zal helpen om voedseltekorten te bestrijden en om nationale culinaire tradities nieuw leven in te blazen. Ongeveer 33 procent van afrikaanse kinderen lijdt op dit moment honger en zijn ondervoed, terwijl ongeveer 42 miljoen kinderen getroffen kunnen worden in 2025. School voedingsprogramma’s die niet alleen kinderen voeden, maar hun ook inspireren en leren hoe zij in de toekomst boeren kunnen worden is een grote stap voorwaarts naar voedselzekerheid. 

Het State of the World 2011 rapport wordt vergezeld van informatieve materialen, inclusief briefing documenten, samenvattingen, een innovatieve database, videos, en podcasts; alles ter  beschikking op www.NourishingthePlanet.org. De bevindingen van het project worden verspreid naar een breed scala van agrarische belanghebbenden, inclusief ministeries, agrarische beleidsmakers, netwerken van boeren en gemeenschappen, en naar de in toenemende mate van betekenis wordende niet-gouvernementele milieu-en ontwikkelingsgemeenschappen.

Tijdens het uitvoeren van dit onderzoek had het Worldwatch’s Nourishing the Planet project ongekende toegang tot gerenommeerde internationale research instituten, inclusief die in het Consultative Group on International Agricultural Research (CGIAR) systeem. Het team was ook in intensief contact met boeren en agrarische coöperaties alsmede met bank-en investering gemeenschappen.

###

 

Voor de redactie: 

 

Voor interviews met Christopher Flavin, Danielle Nierenberg, Brian Halweil, of met een andere  State of the World 2011 medewerkers, neem contact op met:

 

Amanda Stone, Communications Assistant, Worldwatch Institute

(+1) 202-452-1992 x514; astone@worldwatch.org

Voor exemplaren van de State of the World 2011:

In de Verenigde Staten, Canada en India, neem contact op met Amanda Stone, email  astone@worldwatch.org.

Voor alle andere land, neem contact op met Gudrun Freese, email gudrun.freese@earthscan.co.uk,telefoon +44(0)20 7841 1930.

Aanschaf informatie:

State of the World 2011 kost $19.95 plus verzendkosten. Het kan aangeschaft worden via deWorldwatch website http://www.worldwatch.org/sow11, per email  wwpub@worldwatch.org, of per telefoon (+1) 877-539-9946 (in de Verenigde Staten) of (+1) 301-747-2340 (wereldwijd), of per fax (+1) 301-567-9553 met ISBN nummer 9780393338805.

 

Het rapport kan ook aangeschaft worden via de Earthscan website www.earthscan.co.uk, per email earthinfo@earthscan.co.uk, of per telefoon +44(0)12 5630 2699 met ISBN nummer 9781849713528.

 

Over Worldwatch Institute:

Worldwatch is een onafhankelijke research organisatie in Washington, D.C. gericht op energie, hulpbronnen, en milieuvraagstukken. Het instituut’s State of the World rapport wordt jaarlijks gepubliceerd in meer dan  20 talen. Voor meer informatie, bezoek www.worldwatch.org.